30 jaar genealogisch onderzoek

(door Hanny Sinkeldam-Buschmann)



25 februari 1980, twee dagen na de verjaardag van mijn moeder. Dat was de dag waarop ik de eerste stappen zette in de zoektocht die tot vandaag duurt en wellicht nog vele jaren door zal gaan. Dertig jaren, waarin vele vondsten werden gedaan. Een hoogtepunt was zeker het ontdekken van de naam Brederode op de overlijdensakte van Jannetje Loon, de overgrootmoeder van Antje Sluijs (zij was de oma van mijn moeder).

Deze ontdekking deed ik samen met mijn vader, in het Rijksarchief van Noord-Holland, te Haarlem. Dit staat ook te lezen in het artikel dat ik in 2005 schreef en dat elders op de website staat. Niet lang daarna vond ik de verbindende schakel tussen ons en de Middeleeuwen. Natuurlijk, niemand is zomaar uit de blauwe lucht komen vallen. Maar om dan iets te vinden wat min of meer als bewijs daarvoor kan gelden is toch wel heel bijzonder!


Gemeenschappelijke afstamming van Middeleeuwse voorouders

In 2002 deed ik mee aan de Open Dag, die elk jaar in de Beemster wordt gehouden. Deze keer had ik, naast veel genealogisch materiaal, ook een op karton geplakt schematisch overzicht van een gemeenschappelijke afstamming van Middeleeuwse voorouders meegenomen. Velen hebben het bekeken, waarna het op zolder werd opgeborgen. Toen ik het in 2009 opnieuw wilde gebruiken bleek dat helaas niet mogelijk: na een jarenlang verblijf op zolder bleek het te zijn aangetast door houtwurm. Het is toen dus vernietigd. De zolder is meteen behandeld met een speciale vloeistof en we wonen nog steeds in ons mooie huisje in de Beemster. Een nieuw overzicht heb ik nooit gemaakt, maar gelukkig zaten de reeksen nog wel in de computer.


De zusters Maria en Sophia

Maria van de Leck (in het voorgeslacht van mijn moeder) en Sophia van der Lecke (in het voorgeslacht van mijn vader), de een zonder en de ander met "e". Waren zij nu wel of niet zusters van elkaar? Het is een vraag waar al heel wat over gediscussieerd is. Even de feiten:

    Hendrik I van der Lecke (nr. 8260 in de kwartierstaat van Peterke van de Pavordt), ridder, heer van de Lek, vermeld vanaf 1233, overl. vóór 1271, zoon van Folpert van der Lecke en Othilde van Smitshuisen. (Bron: Gens Nostra 1985, kwartierstaat Greidanus-Jaeger, blz. 523.)

    Hendrik I, heer van de Lecke, zoon van heer Folpert, die hij tussen 1247 en 1249 opvolgde. Hij komt met zijn vader het eerst voor in 1243, was 1249 ridder en nam in 1255, ingevolge het verdrag van 1228, van het kapittel van St. Marie te Utrecht in erfpacht de tol te Smithuizen en de hoven van Ewijk en Malbergen; in 1268 kreeg hij van hetzelfde kapittel de gerechten van Lopik en Bonrepois. Hij was in 1256 onder de edelen die beloofden de vrede met Vlaanderen te zullen helpen bewaren, en hielp in 1257 Floris, de voogd van Holland, tegen Utrecht. Hij was reeds overleden 3 november 1271, wanneer zijn zoon Hendrik II, die volgt, voorkomt.
    Henric II, heer van de Lecke, zoon van de voorgenoemde, volgde zijn vader op. In 1271 trouwde hij met Jutte, dochter van Pieter, heer van Borselen en Goes, en nam van het kapittel de tol van Smithuizen en de hoven Ewijk en Malbergen, na zijn vader, in erfpacht. (...) Hij komt na 1297 niet meer voor en was zeker 1305 overleden. Hij hertrouwde op latere leeftijd met Heilwig, een dochter van Egbert, graaf van Bentheim. Zijn kinderen, waarschijnlijk allen uit het eerste huwelijk, waren: Henric, voor zijn vader gestorven, Pieter, Gijsbrecht en Maria, die in 1307 overleed. Zij was de echtgenote van Dirk, heer van Brederode. (Bron: Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel 2 (Leiden 1912), kolom 792 en verder.)

Hoewel hier niet genoemd moet er nóg een dochter geweest zijn: Sophia. Dit staat o.a. vermeld in het door H.M. Werner geschreven boek Geldersche Kastelen, deel 1, Arnhem 1906, op blz. 393 en 394. Sophia trouwde met Theodoricus van Bilant (Bylandt). Waren ze volle zussen, halfzussen of geen van beide? Helaas, ik weet het niet.


Als Maria en Sophia werkelijk zusters waren, dan betekent dit dat mijn vader en moeder óók gemeenschappelijke voorouders hebben!


Van der Lecke


Van der Lecke-1.

  1. Hendrik II van der Lecke, ridder, heer van de Lek (1271), verbannen (1287, 1293), raad van de graaf van Holland (1297), overl. tussen 1305 en 1309; tr. (1) (contr. 26/30-10-1271) Jutta van Borssele, vermeld 1271, 1276, overl. vóór 1296.
    (Zie ook 4130 in de kwartierstaat van Peterke van de Pavordt.)

  2. Maria van der Lecke, geb. ca. 1272, overl. 1-4-1307; tr. ca. 1290 Dirk van Brederode, de Goede, 3e heer van Brederode, vermeld als ridder en baljuw van Kennemerland in 1288, enz., stierf op een pelgrimstocht te Reims 16-12(8?)-1318, begr. ald. in de kerk der Dominicanen.

  3. Willem van Brederode, overl. 1316; tr. 1311 Elsebee van Kleef.
    (Deze reeks, die via mijn moeder naar mij gaat, verloopt verder hetzelfde als reeks Brederode-1.)


Van der Lecke-2.

  1. Zie bij reeks Van der Lecke-1.

  2. Sophia van der Leck; tr. Theodoricus (Dirk) van Bilant (heer Diederik van Bylandt), miles, getuige bij een brief aan het klooster Bethlehem bij Doetinchem in 1289, was o.a. raad van graaf Otto van Kleef in 1311, enz.

  3. Heer Otto van Bilant "de Jonge", ridder, kocht in 1357 te Elten tienden van Willem heer van den Bergh, enz.; tr. 1349 Christina van Arnhem, weduwe van Gijsbert Cock van Bilant (van Bylandt).

  4. Johan van Bilant, knape, na de dood van zijn broer Otto beleend met de oplagen te Keken in 1390, enz.; tr. N.N. van Spaen (of N.N. van Camphuizen).

  5. Otto van Bilant, was o.a. leenman van de heer van den Bergh en Bilant in 1427 en 1437, overl. 22-4-1445; tr. Elisabeth de Rode van Heeckeren, werd door de hertog van Cleef met twee goederen in het ambacht Aspel beleend, enz.

  6. Jutte van Bylandt, weduwe van Heer Willem van Rees (overl. 1440), beleend met een tiende te Düffelward (1447), overl. vóór of in 1483; tr. tussen 1441 en 1466 Johan van den Padevoort, beleend met o.a. het goed te Diepenbroeck (1465), leefde nog op 1-8-1481.

    Jutte van Bylandt (129 in de kwartierstaat van Peterke van de Pavordt) had drie broers, waaronder Otto van Bilant, ridder. Hij was getrouwd met Cunera van Lynden, dochter van Gozewijn van Lynden en Frederica van Randwijck. In Gens Nostra 1954 staat een overzicht van de afstamming van onze vroegere koningin Juliana, waar we uit af kunnen leiden dat haar kleinzoon, prins Willem-Alexander, via haar vader (prins Hendrik) afstamt van deze Otto van Bilant. Zie verder bij reeks Van der Lecke-3.
  7. Otto van den Padevoort, eigenaar van het Huis den Padevoort, beleend met o.a. de tiende te Düffelward (1483), gerichtsman in 1502 en 1513, overl. 13-5-1535, begr. Zelhem; tr. Bertha van der Hoevelick, overl. 1540, begr. Zelhem.

  8. Henrick Ottensz. van den Padevoort.

    Deze persoon is, als vader van de hierna volgende Jorden van den Padevoort de Bastaard, een tussengevoegde generatie. Bron: diverse e-mailberichten, klik hier voor verdere bijzonderheden.

  9. Jorden van den Padevoort de Bastaard; tr. Neelken (van de Poll).

  10. Rijck (Richard) van den Padevoort, was o.a. rentmeester der Berghse goederen te Ochten (1580-1602), was mogelijk een "bastaard".

  11. Willem van den Pavordt, woonde in 1599 te Ochten, was rentmeester en admodiateur der Berghse goederen aldaar (1604-1613), overl. 1613/1614; tr. Peterke de Kemp, overl. na 14-1-1627.

  12. Derck van de(n) Pavordt, gerichtsman in de Kesterense schepenbank, was eigenaar en pachter van enige stukken land te Ochten, kerkmeester aldaar, beleend met "de Mandenmaker", overl. tussen 1-1-1673 en juni 1674; tr. vóór okt. 1636 Gijsbertje Pelgrums, weduwe van Willem Reijers, overl. na 12-1-1663.

  13. Peterke van de Pavordt, overl. vóór mei 1680; tr. ca. 1655 Dirck (Derck Derksz.) van den Bergh geb. (IJzendoorn?) ca. 1629, schepen der heerlijkheid IJzendoorn, beleend met "den Mandenmaker", zoon van Derck Dercksz. van den Bergh en (?) Margaretha van Wyck (trouwregister Echteld 6-6-1625).

  14. Gijsbertjen van den Bergh, Dirckse, geb. IJzendoorn, overl. vóór 1729; ondertr./tr. IJzendoorn 23-10/7-11-1680 Adriaen Willemsz. de Haas, geb. ca. 1652, landbouwer, schepen van IJzendoorn, begr. ald. 2-10-1730, zoon van Willem Jansz. de Haes en Fijke van Westreenen.

  15. Willem Adriaense de Haas, ged. IJzendoorn 4-12-1687, overl. tussen 1759 en 1763; tr. IJzendoorn 1727 Gijsbertje Adriaanse Tap, ged. Ochten 9-11-1704, overl. na 1771, dochter van Adriaen Tap en Huybertje Hendriks Smit.
    (Deze reeks, die via mijn vader naar mij gaat, verloopt verder hetzelfde als reeks De Haes-7.)


Van der Lecke-3

1 t/m 5: Zie bij reeks Van der Lecke-2.
  1. Otto van Bilant, ridder, raad en kamerling van hertog Arnold van Gelre in 1450, in 1470 beleend met Tricht; tr. (1) 1457 Cunera van Lynden, dochter van Gozewijn van Lynden en Frederika van Randwijck.

  2. Elisabeth van Bilant, overl. 1495 (donderdag vóór Maria Hemelvaart); tr. 1485 Adolf van Wijlich, heer tot Diersfort, enz., overl. 1521 (op St. Matthias), zoon van Godard van Wijlich en Jutta van Bilant (zij was een nicht van "onze" Jutte van Bylandt, zie reeks Van der Lecke-2).

  3. Judith van Wylich; tr. Johan van Raesfeld, heer van Ostendorp.

  4. Elisabeth van Raesfelt; tr. 1534 Walraven, Brn. van Gent.

  5. Johan Gerhard, Brn. van Gent; tr. Wilhelmina van Wachtendonck.

  6. Otto, Brn. van Gent; tr. Sophie Elisabeth van Wachtendonck.

  7. Wilhelmina van Gent; tr. Hermann, Vr.Hr. van Wittenhorst-Sonsfeld.

  8. Friedrich Wilhelm, Vr.Hr. van Wittenhorst-Sonsfeld; tr. Amalie van Schwerin.

  9. Albertine, Vr.Vr. van Wittenhorst-Sonsfeld; tr. Heinrich Karl van de Marwitz.

  10. Caroline van de Marwitz; tr. Albrecht, Gf. van Schönburg-Waldenburg.

  11. Otto Karl, Vst. van Schönburg-Waldenburg; tr. Henriëtte Prs. van Reuss-Kostriz.

  12. Otto Victor van Schönburg (1785-1859); tr. Thekla van Scharzburg-Rudolstadt (1795-1861).

  13. Mathilde van Schönburg-Waldenburg (1826-1915); tr. Franz Friedrich Adolf van Schwarzburg-Rudolstadt (1801-1875).

  14. Marie Karoline Auguste van Schwarzburg-Rudolstadt (1850-1922); tr. Friedrich Franz II van Mecklenburg-Schwerin (1823-1883).

  15. Hendrik Wladimir Albrecht van Mecklenburg-Schwerin (1876-1934); tr. Wilhelmina Helena Paulina van Oranje-Nassau (1880-1962).

  16. Koningin Juliana (1909-2004); tr. Prins Bernhard (1911-2004).

  17. Koningin Beatrix; tr. Prins Claus (1626-2002).

  18. Prins Willem-Alexander.



Het blijft interessant om een gemeenschappelijke afstamming te ontdekken, en niet alleen als het om iemand gaat die bekend is, zoals onze kroonprins. Het heeft me vanaf het begin gefascineerd. In de index staan een aantal afstammingsreeksen. Veel daarvan werden destijds opgenomen in de werkstukken die ik over dit onderwerp heb samengesteld. Er zijn ook enige nieuwe reeksen, afkomstig van bezoekers van de website. De twee hierna volgende reeksen heb ik zelf samengesteld. Kijk voor de bronvermelding onderaan de pagina. Voor vragen of opmerkingen hierover kunt u mij een mailtje sturen. Een foutje is zo gemaakt. Mocht u er een ontdekken dan bij voorbaat mijn excuses en ik hoop dat u mij er dan op wilt attenderen.



Odo-1

  1. Odo-Willem, bijgenaamd "de Gevangene".

  2. Agnes van Mâcon-Bourgondië (= Agnes van Bourgondië-Ivrea); tr. (1) 1018 Willem (III resp. IV) "de Grote", graaf van Poitiers, enz., zoon van Willem "Fierebrace" van Poitiers en Aquitanië en Emma van Blois.
    (Zie het verhaal Emma dat ik schreef n.a.v. de geboorte van Emma Buschmann.)

  3. Agnes van Poitou; tr. 1043 Hendrik III van Duitsland.

  4. Hendrik IV van Duitsland; tr. 1066 Bertha van Susa.

  5. Agnes van Waiblingen; tr. ca. 1086 Frederik van Staufen.

  6. Frederik II van Zwaben; tr. ca. 1132/1133 Agnes van Saarbrücken.

  7. Judith van Hohenstaufen; tr. 1150 Ludwig II van Thüringen.

  8. Hermann I van Thüringen; tr. ca. 1182 Sophie van Sommerschenburg.

  9. Jutta van Thüringen; tr. 1195/1197 Dietrich "der Bedrängte".

  10. Hedwig van Meissen; tr. ca. 1226 Dietrich VI Nust van Kleef.

  11. Dietrich VII van Kleef; tr. ca. 22-11-1255 Aleidis van Heinsberg.

  12. Dietrich Luf II van Kleef; tr. (2) 1285/1286 Lisa (van Virnenburg?), weduwe van graaf Heinrich van Kessel.

  13. Elisabeth (Elsabee) van (Kleef-)Hülchrath; tr. 1311 Willem van Brederode, zoon van Dirk van Brederode en Maria van de Lecke.
    (Deze reeks, die via mijn moeder naar mij gaat, verloopt evenals reeks Van der Lecke-1 hierboven, verder hetzelfde als reeks Brederode-1.)


Odo-2

1 en 2: Zie bij reeks Odo-1.
  1. Willem (VI resp. VIII) (Guido Godfried); tr. 1068/69 Hildegardis (Aldearde) van Bourgondië.

  2. Willem (VII resp. IX) "de Jonge"; tr. (2) 1094 (ontbonden 1115/16) Philippa.

  3. Agnes van Poitou-Aquitanië; tr. (2) 1135 (ontbonden okt. 1136) Ramiro II.

  4. Petronilla; tr. 1137/1151 Ramon Berenguer IV.

  5. Dulcia van Barcelona; tr. 1175 Sancho I.

  6. Alfonso II van Castilië (de Dikke); tr. 1206 Urraca van Castilië.

  7. Alfonso III van Castilië.

  8. Urraca Afonso; tr. Joâo Mendes de Briteiros.

  9. Gonçalo Anes de Briteiros; tr. Sancha Pérez de Guzmán.

  10. María Gonçalves de Briteiros; tr. Rui Vas Pereira.

  11. Constança Rodrigues Pereira; tr. Diogo Affonso de Figuiredo.

  12. María Pires de Figueiredo; tr. Alvaro Gil Cabral.

  13. María Alvares Cabral; tr. Fernâo Velho.

  14. Violante Velho Cabral; tr. Diego Gonçalves de Travassos.

  15. Nuno Velho Cabral de Travassos; tr. Affrica Annes.

  16. Grimanesa Affonso Cabral; tr. Lourenço Annes de Sá Leonardes.

  17. Nuno Lourenço Velho Cabral.

  18. Mathias Nunes Cabral; tr. María Simôes de Melo.

  19. Inés Nunes Cabral de Melo; tr. Gil Gonzalez de Moura.

  20. Juan de Melo Cabral; tr. Mayor López Alcoholado.

  21. Juan de Melo Cabral (II); tr. Buenos Aires 1661 María Feo Gómez de Saravia.

  22. Diego de Melo Cabral; tr. 1687 Magdalena Martín Lozano de Saravia.

  23. María de Melo Cabral; tr. 1708 Luis Cordovés y Bermúdez.

  24. (María) Magdalena Cordovés y Melo-Cabral; tr. 1726 Antonio de Espinosa.

  25. Juan de Espinosa; tr. Buenos Aires 1759 Maria Nicolasa de Gadea y Escobar.

  26. Mónica de Espinosa y Gadea; tr. Buenos Aires 1779 José Antonio Pérez de Tejada y Moreno de Tejada.

  27. Josefa Natalia Tejada y Espinosa; tr. Santo Domingo Soriano (Uraguay) 1803 Juan José Viera Lobo y de la Rosa.

  28. Juliana Lobo y Tejada; tr. Buenos Aires 1832 Martiniano Boborino y Barbachano.

  29. Esteban Bonorino Lobo; tr. Buenos Aires 1868 Máxima Gonzalez Islas.

  30. Máxima Blanca Bonorino Gonzalez; tr. Amadeo Zorreguieta Hernandez.

  31. Juan Antonio Zorreguieta Bonorino, bankier; tr. Cesina Stefanini.

  32. Jorge Horacio Zorreguieta Stefanino; tr. (2) María del Carmen Cerruti Carricart.

  33. Prinses Máxima.


De gebruikte bronnen

Als belangrijkste bron voor de reeksen heb ik de werkstukken "Ons Middeleeuwse Voorgeslacht" en "De kwartierstaat van Peterke van de Pavordt" gebruikt (eigen uitgave).
Voor de reeks van Theodoricus van Bylandt naar prins Willem Alexander heb ik tevens gebruik gemaakt van:
  • het artikel "Van Bylandt", in Jaarboek van den Nederlandsche Adel, 1891,
  • Koobs uijt het Woolt, deel 4b, onze voorouders Van den Padevoort (met verwijzing naar Gens Nostra 1945, blz. 144-145, en erratum blz. 160), en
  • vanaf generatie 16: internet en encyclopedie.
De reeks van Odo-Willem "de Gevangene" naar prinses Máxima is afkomstig uit Gens Nostra, februari 2002 (afstamming van Karel de Grote). Hierboven staan slechts summiere gegevens vermeld, zie voor verdere bijzonderheden het artikel.

Veel Karel de Grote-afstammingen zijn ook te vinden in de verschillende aan Karel de Grote gewijde themanummers. Zie hiervoor de NGV-website, waar ze voor de liefhebbers zijn na te bestellen.


Terug naar boven