Lezingen en bijeenkomsten


Samenkomst NGV afd. Zaanstreek-Waterland te Purmerend, verkort weergegeven:

De bijeenkomst op 14 maart was een zogenaamde contactavond, waarop enkele leden iets over hun vorderingen op genealogisch gebied mogen vertellen. Op deze avond heb ik ook een spreekbeurt gehouden, met als aanleiding het boek dat ik de vereniging kon aanbieden met daarin enige genealogieën (Buschmann, Heekelaar en Sinkeldam). Kort daarvoor werd ik door mevr. Van W. uit Heemskerk op een fout gewezen (genealogie Heekelaar): ik heb twee broers met elkaar verwisseld. Fouten maken is menselijk, maar achteraf vraag ik me af hoe het mogelijk is geweest dat ik juist déze fout gemaakt heb. In ieder geval heb ik de oudste schakels in de genealogie gecontroleerd en verbeteringen aangebracht.

Op deze bijeenkomst heb ik tevens verteld waar ik nu mee bezig ben: het schrijven van een boek over mijn grootvader, als begin van het familiegeschiedenisboek. Daar horen uiteraard ook verhalen in van recentere datum, zoals vakantieverslagen enz.

(maart 1989)


Kadaster: uitwerking van de aantekeningen

(gemaakt tijdens de lezing van dhr. J. Wigmans over het onderwerp KADASTER, gehouden te Purmerend op 16 januari 1990, verkort weergegeven)

Dhr. Wigmans begon met in het algemeen iets te vertellen over de geschiedenis van het kadaster, dat in 1811 werd ingevoerd met als doel het kunnen heffen van belasting over al het onroerend goed. Daartoe werd een aanvang gemaakt met de registratie van elk stukje land, huis, schuur en "schijthok boven de sloot". De plaats waar deze gegevens werden bewaard was het Archief van de Hypotheekbewaarder, later genoemd het kadaster.

De plaatsaanduidingen die aanvankelijk werden gebruikt luidden als "belend ten oosten de kerk, enz." omdat er nog geen nummers waren. Pas in 1832 kreeg elk perceel een eigen nummer. Toen was alles in kaart gebracht. De eerste kadastrale kaart, die in dat jaar verscheen, werd minuutplan genoemd (meervoud: minuutplans).

Verkoop van onroerend goed vóór 1811 is terug te vinden in de transportregisters (Schout- en Schepenbanken). Vanaf 1811 geschiedde de registratie van onroerend goed door de notaris. In 1842 werd deze verplicht in zijn akte het zgn. kadastrale nummer en de naam van de vorige eigenaar op te nemen, alsmede hoe de vorige eigenaar aan het betreffende onroerend goed was gekomen. Een verwijzing dus naar de vorige verkoop. Het jaar 1842 geeft tevens de grens aan tussen Oud- en Nieuw Notarieel Archief.

In een schema wordt het een en ander verduidelijkt.

Onderzoek laten verrichten door het Kadaster is een kostbare zaak. Men kan dit ook zelf doen (dat is minder duur). Het nummer waarmee men de verkoop aan de vorige eigenaar kan opzoeken bevind zich op de koopakte van het betreffende pand. Het staat er dan bijvoorbeeld zo: "door de verkoper verkregen door de overschrijving ten hypotheekkantore te Hoorn op ... in deel ... nummer ..., van een afschrift ener koopakte enz.

Verder besprak dhr. Wigmans de mogelijkheid tot het aanvragen van een Kadasterverklaring, zodat men zelf een onderzoek kan instellen naar de bouw- en bewoningsgeschiedenis van een of meerdere panden.

(maart 1990)


Diverse verenigingssamenkomsten

  • 23 april 1991: De geschiedenis van de Beemster en zijn bewoners.
    De door afd. Zaanstreek-Waterland georganiseerde bijeenkomst in zaal Vlaar aan de Koemarkt te Purmerend werd bijzonder goed bezocht. De hele zaal was vol, van buitendeur tot boekentafel. Er moesten zelfs stoelen uit andere vertrekken worden aangesleept om de vele bezoekers een zitplaats te verschaffen. Het was dan ook een bijzondere avond. Dhr. J. de Groot uit Middenbeemster hield een dialezing, getiteld: "De geschiedenis van de Beemster en zijn bewoners". Hoe zou het komen dat er veel meer mensen waren dan op 21 februari, toen er dia's over Purmerend werden vertoond?

    (juni 1991)


  • Zaterdag, 9 november 1991: "Koggenland" in de regio.
    De afdeling Koggenland organiseerde deze middag in het gemeentehuis Stedebroec in Bovenkarspel. Iedereen kon komen en gaan wanneer hij of zij wilde.
    Er was veel te zien, o.a. de computer en zijn toepassing bij de kontaktdienst. Een mooie gelegenheid om eens te kijken of alle gegevens die via de afdeling Achterhoek werden ingevoerd (dat was voordat er daartoe gelegenheid bij afd. Zaanstreek-Waterland bestond) ook inderdaad op het scherm zichtbaar te maken waren. En dat lukte. Meteen maar even kijken wie er nog meer gegevens hebben van, of onderzoek verrichten naar het geslacht RATELBAND. Dat bleek er slechts één te zijn: Mevr. Boogman. Conclusie: er wordt een briefje gestuurd naar de N.G.V. met het verzoek een vraag te plaatsen in Gens Nostra. Misschien is er ergens iemand die het antwoord weet.
    Toen het 11 uur was en de dia-voorstelling in de trouwzaal volgens het programma moest beginnen, zaten er slechts drie mensen op de keurig geplaatste stoelen te wachten op wat komen ging. Daarom werd het begin nog even uitgesteld en werden in de aangrenzende ruimte de aanwezigen attent gemaakt op datgene wat gebeuren ging. Als er zoveel te zien is vergeet je de tijd wel eens.
    Toen de beschikbare zitplaatsen grotendeels waren gevuld stopte dhr. Dekker de eerste dia in de projector. Het publiek keek met grote interesse en luisterde aandachtig naar de uitleg die hij er bij gaf. Enkhuizen was een belangrijke stad, wat haven betreft zelfs nog van groter belang dan Amsterdam.
    Later, na afloop van de voorstelling, wees dhr. Dekker op een oude kaart aan waar het Enkhuizerzand lag. Dat was vanuit de haven duidelijk te zien. Zou Steylhoek daar ook ergens te vinden zijn? Daar liep op 18 december 1763 een met bonen en rogge geladen schip vast (bekijk voor de details het afschrift van een oude notariële akte waarin het een en ander beschreven wordt).
    Op zo'n dag ontmoet je veel mensen. De meesten ken je niet, omdat ze van een andere afdeling zijn. Wanneer iemand dan vertelt dat er in Hoorn een Binneblijfstraat is, genoemd naar een vroegere burgemeester, dan ga je later toch wel even kijken op de plattegrond van Hoorn. En ja hoor, daar ligt hij, als zijstraat van de Merensstraat, die weer uitkomt op de Koepoortsweg. Een straat, genoemd naar één van je voorouders! Toch jammer dat er geen reacties zijn gekomen op het stukje over deze burgemeester in De Schakel van september j.l.

    (december 1991)


  • Dinsdag, 12 november 1991: De Koloniën van Weldadigheid.
    Lezing door dhr. J.J. Kaldenbach bij zaal Vlaar te Purmerend.
    Afd. Zaanstreek-Waterland organiseerde op deze avond een bijeenkomst waar een lezing werd gehouden over "De Koloniën van Weldadigheid".
    Het verslag van deze avond werd in dit blad opgenomen, op bladzijde 40.
    Niet alleen het leven in de koloniën kwam ter sprake, maar ook de verschillende bronnen waaruit je de aanwezigheid van een kolonist in je voorgeslacht kunt ontdekken, werden besproken: familieadvertenties, het bevolkingsregister, de persoonskaart en de Mormonen.
    Het was een zeer interessante lezing, mede omdat het een en ander met een groot aantal dia's verduidelijkt werd.

    (december 1991)


Dubbel-lezing

Op 15 januari jl. had in zaal Vlaar te Purmerend een dubbel-lezing plaats, gehouden door dhr. M. IJzerman uit De Bilt. Gezien de grootte van de twee besproken onderwerpen begon de avond om half acht.

Het eerste deel van de avond werden de mogelijkheden van het gebruik van fotografie bij de genealogie behandeld, alsmede de daarbij optredende problemen. Het gebruik van een zogenaamde grijskaart was een van de vele nuttige tips.

Het tweede deel was geheel gewijd aan Alva's Raad van Beroerten, in de volksmond gewoon "Bloedraad" genoemd. Deze werd in 1567 door landvoogd Alva ingesteld. Het doel daarvan was te komen tot de berechting van alle Nederlanders die op de een of andere manier betrokken waren geweest bij de beeldenstorm. In een paar jaar tijd werden 12203 personen gedagvaard. De goederen van 8957 van hen werden verbeurd verklaard, terwijl 1073 gedaagden ter dood werden gebracht. Daaronder bevond zich ook Egmond. Hij dacht: "Mij kunnen ze niets maken!" maar daarin bleek hij zich te hebben vergist. Samen met Horne werd hij op 9 september 1567 na een maaltijd gevangen genomen. De Raad van Beroerten beschuldigde hem van hoogverraad. Acht maanden daarna werden beiden op de markt te Brussel onthoofd.

Veel gegevens over dit onderwerp zijn ook te vinden in de gewone encyclopedie, zoals het bovenstaande stuk over de terechtstelling van Egmond.

Dhr. IJzerman vertelde welke mogelijkheden er zijn voor genealogisch onderzoek. Bij de lezingen gebruikte hij twee dia­projectoren en ook twee schermen. Het was heel interessant en Vlaar zat dan ook weer vol, tot aan de deur!

(februari 1992)


Lezing Oera-Linda-boek

Op woensdagavond 15 april j.l. werd in zaal De Aansporing te Zaandam een lezing gehouden door dhr. R.F. Vulsma, voorzitter van de NGV, over het Oera Linda­boek. In dit boek wordt de oudste geschiedenis van de Germanen (de Friezen) beschreven. Het handschrift waarop het boek werd gebaseerd zou afkomstig zijn uit de 13de eeuw en de inhoud daarvan zou teruggaan tot de 6de eeuw voor Christus. Het boek verscheen in 1872 te Leeuwarden en werd genoemd naar degene van wie de oude geschriften afkomstig waren: Cornelis over de Linden.

Andries over de Linden, gedoopt te Enkhuizen op 15 juli 1759, vertelde zijn kleinzoon Cornelis wel eens over zijn voorgeslacht, dat afkomstig zou zijn uit Friesland. De kleine jongen was echter nog veel te jong om het allemaal te begrijpen. Als grootvader vond dat hij de juiste leeftijd zou hebben bereikt, zou hij hem alles vertellen. Helaas kwam het nimmer zover, want Cornelis was pas 9 toen Andries op 25 april 1820 stierf, twee en een halve maand na zijn vrouw, een groot geheim met zich meenemend in het graf. Wel waren er twee manuscripten van hoge ouderdom, die Andries over de Linden had nagelaten. Hoe hij er aan gekomen was is niet bekend. Schoonzoon Hendrik Reuvers vond de vader van Cornelis ongeschikt Dm de geschriften te bewaren en hij stond het dan ook niet toe dat deze ze in bezit kreeg. Aafje, zijn vrouw, bewaarde ze zorgvuldig. Pas veel later, nadat Aafje na Hendrik z'n dood in 1845 was hertrouwd met Koop Simonsz. Meijlof, kreeg Cornelis de oude documenten in handen. Hij kon er echter weinig mee beginnen, want de teksten waren in een soort runenschrift gesteld.

In 1867 wendde Cornelis over de Linden zich tot iemand die wel een persoon wist die de oude teksten kon vertalen: Eelco Verwijs. Dus Cornelis begon de oude teksten, bladzijde voor bladzijde, over te schrijven. Toen hij een paar bladzijden af had stuurde hij ze op naar Verwijs, die aanvankelijk dacht met een vervalsing te doen te hebben. Hij wilde dan ook graag de originele manuscripten hebben. Over de Linden wilde de kostbare familiestukken echter niet afstaan, uit angst dat er iets mee zou gebeuren. Na lang aandringen echter stuurde hij toch een paar bladzijden uit het boek op. Toen was Verwijs geheel overtuigd. Het moest wel om een zeer oud werk gaan, met zeer belangrijke gegevens over het geslacht Over de Linden, dat vele honderden jaren bestreek. Inderdaad, een zeer kostbaar bezit!

Van de twee manuscripten bleek het dunste bij nader onderzoek een stuk te bevatten uit de Kroniek van Friesland, uit de 15de eeuw. Het andere was nog veel ouder. Het bleek volgens een vermelding daarin overgeschreven te zijn, omdat het oorspronkelijke stuk waterschade had opgelopen. Degene die dat werk had gedaan, had het boek "gered uit de vloed", samen met vrouw en kind.

Dhr. Vulsma las o.a. citaten voor uit de correspondentie tussen Cornelis over de Linden en Eelco Verwijs. Twijfel, een interessant middeleeuws verleden en wantrouwen kwamen daarbij duidelijk naar voren. Ook andere onderzoekers bleken zich er later mee bemoeid te hebben. Er was er zelfs een bij die er van was overtuigd dat het Oera Linda-boek uit de 5de eeuw voor Christus stamde. Hoe dan ook, voor Cornelis over de Linden was het wel degelijk realiteit.

Anno 1992 neemt men aan dat het een falsificatie betreft, maar toch is er nog steeds die twijfel.....

Om nog even terug te komen op het echtpaar Aafje over de Linden en Hendrik Reuvers: bij hun huwelijk, dat op 27 mei 1821 te Enkhuizen werd voltrokken, werden twee kinderen geëcht. De ene was Cornelia, geboren op 12 september 1818, de andere was Andries, geboren op 15 oktober 1820. Cornelia trouwde op 5 augustus 1838 te Enkhuizen met Rijkent Kofman, timmerman, zoon van Jacob Kofman en Trijntje Frankfort. Hun dochter Trijntje trouwde op 2 december 1858 te Andijk met Andries Zwaan. Haar broer Jacob was toen pas 15. Toen deze op 17 september 1863 trouwde met Hendrika Greiner, was Andries Zwaan, zijn zwager, getuige. In het Bevolkingsregister van Enkhuizen stond Jacob Kofman ingeschreven als "Voorganger bij de H. Apost. Zending Gem." en het gezin woonde in de Torenstraat.

Aafje had overigens nóg een zuster: Antje over de Linden. Zij was anderhalf jaar ouder dan Aafje en trouwde met Pieter van Doornik. Zie voor verdere gegevens kwartierstaat BAKKER-GROOT in Mededelingenblad afd. Zaanstreek-Waterland, nr. 3, blz. 51.

(augustus 1992)


Excursie naar het Museumsdorf te Cloppenburg

Vrijdag 25 september werd door een kleine groep leden van afdeling Zaanstreek-Waterland een excursie gemaakt naar het museumdorp Cloppenburg, gelegen in het Artland (Duitsland). Het van deze reis gemaakte verslag staat al langere tijd op de website, en zal hier niet meer worden opgenomen.

(november 1993)


Hoe leest een genealoog de krant?

Met het antwoord op deze vraag begon dhr. Van de Westeringh, ervaren genealoog en bestuurslid van afd. Betuwe, op 16 april j.l. in Purmerend zijn lezing over het onderwerp "de krant als genealogische bron". Hij veronderstelde dat de genealoog eerst op de bladzijde met overlijdensberichten kijkt, om daarna pas de rest van de krant te lezen. Op boeiende wijze vertelde hij over zijn eigen ervaringen en ontdekkingen op het oude papier, over gebeurtenissen in de Betuwe zoals ongevallen, branden, zelfdoding en de daarbij te zoeken genealogische gegevens. Een krantenbericht kan uitkomst bieden als je bijvoorbeeld iemands overlijden niet kunt vinden. Als je leest dat de betreffende verdronk of verongelukte in een plaats waar je nooit zou hebben gezocht, heb je meteen weer een aanknopingspunt.

De dia's toonden zeer tot de verbeelding sprekende advertenties. Zelfs een open brief van Cora aan haar geliefde, die ze door een ongesteldheid niet op de afgesproken plaats en tijd had kunnen ontmoeten. De heer in kwestie stond er in vermeld met zijn initialen en zijn woonplaats afgekort: R. Dat zou Rhenen, Renkum of Randwijk geweest kunnen zijn. Zouden ze ooit zijn getrouwd?

De oudste inwoner van Nederland, haar 110de verjaardag, haar 111de en tot slot haar overlijden. Maar was zij wel echt de oudste? Er was immers een bidprentje van iemand die ruim 112 geworden was. Zolang van deze laatste echter geen geboorte of doop van 112 jaar daarvóór gevonden is, vormt hij geen bedreiging voor het record. Mensen kunnen zich immers vergissen in de leeftijd, al dan niet opzettelijk.

Een gezin waar bijna alle kinderen stierven aan de gevaarlijke keelziekte difterie. De advertenties waren afkomstig uit drie verschillende kranten. In de ene werd gesproken over een gezin. De andere krant sprak over een predikantsgezin en weer een andere vermeldde er zelfs de naam bij. Ook bleek uit krantenberichten dat er een gezin was waarin alleen maar twee-, drie- en vierlingen geboren werden. "Om te smullen", vond dhr. Van de Westeringh. En wat zou trouwens een slijmberoerte zijn? Niemand van de aanwezigen wist het.

Elke advertentie geeft een stukje van de geschiedenis weer en vormt een waardevolle aanvulling op de genealogie, de aankleding zogezegd.

Al sinds de zeventiende eeuw verschijnen er kranten. Vele daarvan zijn thans in bepaalde archieven te raadplegen (op microfiches). Genealogen en andere geïnteresseerden kunnen daarnaast gebruikmaken van twee grote collecties: die van het CBG te Den Haag (kosteloos voor "vrienden" van het CBG) en die van de NVG te Naarden (alleen leden van de vereniging). Beide collecties zijn op naam gesorteerd.

Het slot van de lezing was een stukje "Jan, Jans en de kinderen". Volgens Jan, even gespeeld door iemand uit het publiek, probeerde elke genealoog een afstamming van Karel de Grote aan te tonen. Zo kon hij zichzelf tenminste nog wat aanzien geven......

(mei 1996)


Open Dag Zaanstreek-Waterland

Op 4 oktober had in het Economisch College te Zaandam (achter het station) de Open Dag plaats, ter gelegenheid van het 10-jarig jubileum van de afdeling. Het was groots opgezet en buitengewoon gezellig. Op deze dag werd ook het nieuwe boek van de jubilerende afdeling gepresenteerd, dat als titel "Terug in de tijd, een bonte verzameling van genealogisch onderzoek in de Zaanstreek en het Waterland" kreeg. Dames en heren in Zaanse klederdracht liepen door de school en droegen zeker bij tot de gezelligheid. En er was erg veel te zien. Er hadden leuke ontmoetingen plaats. Een mevrouw uit Utrecht meende dat daar tevens notariële akten e.d. over het geslacht Brederode ter inzage lagen, want dat had zij gelezen in De Schakel van mei j.l. Ze had alleen niet goed naar de datum gekeken, want die mededeling betrof de Open Dag in Middenbeemster, van 8 mei j.l. Afdeling Zaanstreek-Waterland ontving op deze dag tevens een exemplaar van het inmiddels voltooide werkje "Ons Middeleeuwse Voorgeslacht".

(november 1997)


|De Schakel| |Inhoudsopgave| |Terug naar de startpagina|