Bezoek aan Valkenburg
Op 18 juli 1985 brachten we ons eerste bezoek aan Valkenburg. We gingen met de trein: Dennis en Ellen, mijn
broer René en ik. Het was een leuke dag, dat is eigenlijk nog bijna het enige wat ik er van weet. En dan natuurlijk
wat ik in het plakboek schreef bij de foto's enz.
"Op vertoon van uw kaartje ontvangt u op station Valkenburg een plattegrondje, waarop de te
bezoeken attrakties en restaurants duidelijk zijn aangegeven."
Dat stond in het boekje waarin ook het bestaan van NS-dagtocht/attraktie 11 werd vermeld. En inderdaad, we kregen
een mooi kaartje, waarop we precies konden zien hoe we moesten lopen.

In welke volgorde we het een en ander deden kan ik me niet meer herinneren, maar ik weet nog wel wáár we
naartoe gingen. We bezochten de kasteelruïne, waar we tegelijk met het toegangsbewijs, ook een beschrijving van het
voormalige kasteel kregen, de Fluwelengrot, de steenkolenmijn en de Wilhelminatoren met kabelbaan. Die bracht ons naar
boven, vanwaar we een prachtig uitzicht hadden.

Daar, gezeten op het terras, dronken we koffie (Dennis en Ellen hadden jus d'orange) met een echte Limburgse
vlaai. Een mooi plekje om even rustig te genieten van deze heerlijke dag. En te kunnen bespreken wat we verder nog zouden
gaan doen. Het was in ieder geval een gezellig moment.
Vervolgens bracht de kabelbaan ons weer naar beneden. Dennis en Ellen gingen eerst, daarna volgden René en ik.

Ik weet nog goed hoe het temperatuurverschil me opviel toen we de Fluwelengrot in gingen.
"De Fluweelengrot is een oude historische grot, die in rumoerige tijden een taak als schuilplaats
vervulde; in 1937 werden de vluchtgangen van de Kasteel-Ruïne ontdekt, die toen verbonden werden met de Fluweelengrot."
Zo stond het in het boekje. En het was heel indrukwekkend. Ook over de Steenkolenmijn stond er het een en ander in.
O.a. dat het geen "echte" steenkolenmijn was. We konden er kennismaken met de manier waarop de kolen werden gedolven en alles
maakte een zeer realistische indruk. De rondleiding die we kregen was heel uitvoerig en eindigde bij het restaurant. Wie naar
de toilet moest kon daar terecht.
Vele uren later waren we weer thuis: René in Zaandam en wij in de Beemster. Het was een mooie dag, om nog heel lang
op terug te kijken. Hieronder twee bladzijden uit het plakboek:

Het kasteel van Valkenburg
(Hierbij werd gebruikgemaakt van het boekje Kasteel van Valkenburg ,
uitgegeven door de Nederlandse Kastelen Stichting en ANWB.)
Hoe oud het kasteel is, of liever gezegd wanneer het eerste kasteel gebouwd werd, heeft niemand
precies kunnen vaststellen. Zeker is wel dat de naam Valkenburg oorspronkelijk geen betrekking
had op het kasteel, maar op een buurtschap. Dit staat nu bekend als "Oud Valkenburg".
De naam komt het eerst voor in een oorkonde uit het jaar 1041: de keizer van het Duitse Rijk, Hendrik III,
schonk een domein (een stuk grond met wellicht een agrarisch bedrijf) aan de Geul in de villa (buurtschap)
Falchenberch aan zijn nicht Ermengardis.
Jaren later kwam het domein in handen van de heren van Heinsberg, waarvan Goswin I waarschijnlijk
de eerste vertegenwoordiger werd. De burchten Heinsberg en Valkenburg waren nauw met elkaar verbonden en de graven van
Heinsberg noemden zich "Heer van Valkenburg". Een van hen liet het eerste versterkte huis of castrum bouwen op de Heunsberg,
een uitloper van de langgestrekte heuvelrug. En de naam van het oude domein aan de Geul is later daarop overgegaan.
De stam der graven van Heinsberg, waarvan er velen Gozewijn (Goswin, Goswinus) heetten, stierf tegen 1200 uit.
De Heren van Valkenburg die na hen kwamen waren afkomstig uit het Huis van Kleef. Zij hielpen de stedelijke kern
op de been die zich aan de voet van de heuvel ontwikkelde.
Gozewijn, Heer van Heinsberg, bezat reeds goederen in het Geuldal. Hij was dan ook zeker een vermogend
man. Vermoedelijk was hij degene die in het begin van de twaalfde eeuw het eerste kasteel op de Heunsberg liet
bouwen. Dat eerste kasteel heeft er echter niet lang gestaan, want reeds in 1122 werd er aan het prille bestaan van
deze sterkte een eind gemaakt. Godfried I van Leuven verwoestte het kasteel na een beleg van zes weken, dat met
de overgave eindigde. Het kasteel werd echter weer herbouwd en nog herhaaldelijk belegerd.
Gozewijn I stierf rond 1130. Zijn zoon, Gozewijn II, noemde zich Heer van Heinsberg en Valkenburg. Toen deze
rond 1166 stierf, erfde zijn zoon Gozewijn III Valkenburg. Na zijn dood in 1179 werd hij opgevolgd door Gozewijn
IV, wiens huwelijk kinderloos bleef (hij stierf rond 1207). Toen verscheen er een ander geslacht op Valkenburg, dat van
Diederik van Kleef, wiens moeder met de graaf van Kleef was getrouwd.
Van zijn moeder erfde Diederik I Heinsberg. Ook hij trouwde een jongedochter uit het Limburgse huis. Nog
voordat zijn zoon Diederik II meerderjarig was, stierf Diederik I in 1228. Daardoor moest moeder Beatrix tot 1236 het
bestuur over de goederen uitoefenen. In een oorkonde van 1237 treedt de jonge Diederik zelf op als Heer van
Valkenburg. Hij stierf in Keulen, in 1267 of 1268. Hij werd opgevolgd door zijn zoon Walram "de Rossige".
(Deze Walram was getrouwd met Philippa van Gelre. Zij waren de grootouders van
Beatrix van Valkenburg die vóór 21 april 1340 met Dirk van Brederode trouwde.)
Van augustus tot oktober 1288 lag de hertog van Brabant met zijn troepen voor Valkenburg. Het lukte hem echter
niet het kasteel in te nemen. De verdediging was kennelijk niet in handen van Walram, want deze had met zijn vrienden kans
gezien het kasteel ongezien te verlaten (volgens de legende via de vluchtgangen bij de Dwingelpoort) en maakte een roof- en
plundertocht door Brabants gebied. Ook zoon Reinald deed dat toen kasteel en stad in 1327 belegerd werden, doch ook
ditmaal moest de hertog van Brabant (Jan III) het beleg onverrichterzake afbreken. In 1329 ging het echter toch
verkeerd: het kasteel viel in handen van de hertog en de zoon van Walram sneuvelde daarbij.
Na de verwoesting van 1329 werd het kasteel toch weer opgebouwd. Het jaar 1672 betekende echter het
definitieve einde van het bouwwerk. Op last van stadhouder Willem III werd het door troepen uit Maastricht ingenomen en met
de vestingmuren opgeblazen. Het resultaat daarvan is nu nog te zien.
Zie voor bijzonderheden over het geslacht Brederode reeks Brederode-1
(Gemeenschappelijke afstamming).
Startpagina