Stolp

Artikelen die in De Schakel werden gepubliceerd



De nalatenschap van Neeltje Zwaan (weduwe van Jan Stolp)

Neeltje Zwaan (1924), al tien jaar weduwe, besefte heel goed dat zij iemand nodig had om straks, als haar tijd eenmaal gekomen was, er voor te zorgen dat al hetgeen zij naliet eerlijk zou worden verdeeld. Daarom wendde zij zich tot de notaris, die zij een akte liet opstellen.
N.A. 5458, nr. 1120, d.d. 21-7-1766, notaris Simon Jongewaard te Westzaan. Procuratie.

Neeltje Zwaan, weduwe van Jan Stolp, Jan Kraij & Huibert Sluis, beide mede alhier woonachtig, benevens haar behuwde zoons Dirk Krok en Dirk Knap, aan te stellen & te qualificeren tot redders van haar boedel en nalatenschap, tot voogden over alle haare na te laaten minderjaarige erfgenaamen, en tot administrateurs van den zelver goederen, met last om haare na te laaten huisraads inboedel niet publice maar wel onder haare erfgenaamen te verkoopen ofte anders op de beste wijse te verdeelen, enz.

Bijna zes jaar later, op 4 april 1772, overleed ze. Reeds op 16 april werden al haar bezittingen geïnventariseerd. Hoe omvangrijk deze waren blijkt uit de notariële akte waarin alles werd omschreven:
N.A. 5464, nr. 2105 d.d. 16-4-1772. Inventaris.

Een huis en erv staande en geleegen alhier in de Krabbelbuurt aan en bewesten de weg, belent ten Zuiden de weduw Ronk Zeeman )¹ en ten Noorden Coenraad van der Markt, waarvan 't voorste gedeelte bij den overledene is bewoond geweest. (Een gedeelte van het huis bewoonde ze niet zelf: de zuiderkamer was verhuurd aan Anna Wolters en het achterste gedeelte van het huis aan Dirk Spat.)
  Vier gravsteden liggende alhier als: twee in de kerk N. 41 & 293, in 't welkers eerstgenoemde de overledene en haar man begraaven zijn, en twee int oude Choor N. 295 & 335.
  Ze bezat acht obligaties: drie ten laste van Holland en Westfriesland ten comptoire te Amsterdam, en vijf ten laste van Westfriesland en't Noorder Quartier ten comptoire te Alkmaar. Totale waarde ƒ 7300,-.
  Tevens bezat zij ten laste van De Geúnieerde Provinciën ten comptoire in 's Haage: de helft in een lijvrentebriev ten lijve van Jan Stolp, reeds overleden, en van Aafje Stolp, tans nog leevende te Hoorn, int geheel groot ƒ 1500,- d.d. 3-5-1712, waarvan de wederhelft aan gemelde Aafje Stolp toebehoord. )²

Niet alles bevond zich meer in de boedel. Ook dit werd apart omschreven: 't gunt der overledens na te melden kinderen en kindskinderen van den overledene en haar man genooten hebben en dus aan den boedel schuldig zijn. In totaal ƒ 2961:15:-. Jammer genoeg kon de akte destijds niet worden gefotokopieerd en moest alles ter plaatse worden overgeschreven.
  Ze had erg veel spulletjes en de inhoud van elk kastje en elke kamer werd uitvoerig omschreven. Het is beslist de moeite van het lezen waard! Het was teveel om op te schrijven. Beste beschrijving voor huisraad en inboedel: zeer uitgebreid. Spaargeld en goud werden apart vermeld:

Spaargeld:

  • 1 zilvere medaille van de beleegering van Groningen en Coeverden
  • 1 dito van Westfriesland
  • 1 zilvere Ducaton
  • 2 vreemde Rijksdaalders
  • 1 noodstuk
  • 15 stuks zo klein als groot vreemde munten.

Goud:

  • 1 hoofdijzer zeer smal
  • 2 hoep (?) ringen
  • 1 ring met een granaate steen
  • 1 dito met zeven fijne steenen.

Op 21 juli waren de volgende personen bij de notaris: Dirk Krok (de man van Hilgond Stolp), Dirk Knap (de man van Anna Stolp), Grietje Tip (de weduwe van Cornelis Stolp), Antje Stolp, meerderjarig en ongehuwd, Willem Stolp, Jan Kuiper (de man van Guurtje Stolp), Aaltje Stolp, meerderjarig en ongehuwd. Bovendien waren aanwezig: Burgemeester Huibert Sluis, Jan Kraij, naast Dirk Krok en Dirk Knap, voogden over Gerrit, Jan, Jacob, Dirk en Claas Cornelisz. Stolp.
  Verdeeld over 19 bladzijden werden nogmaals alle bezittingen vermeld, en tevens wat de erfgenamen daarvan kregen (N.A. 5464, nr. 2150, d.d. 21-7-1772). In deze akte staat tevens de dag van haar overlijden: 4-4-1772.

)¹: Vermoedelijk Guertje Willems, getrouwd met Ronk Arendze Zeeman. Hun kleindochter Guurtje Willems Dekker was getrouwd met Klaas Thomasz. Buijs (240). Zijn moeder was Neeltje Stolp (481), kleindochter van Neeltje Zwaan.
)²: Jan Stolp, de schoonvader van Neeltje Zwaan, woonde tot zijn dood in bij Aafje, dochter uit z'n tweede huwelijk.

(maart 1990, Buijs-berichten)


De zaak Stolp: samenvatting

(Verkort weergegeven)

" Jan Claesz. Stolp, geboren ± 1525, overleden 1606-8. Bezat en bewoonde een boerderij aan de Langereis onder Nieuwe Niedorp. "

Zo staat de oudst bekende voorvader van dit geslacht vermeld in de fotokopie van de door dhr. Aten gemaakte aantekeningen, mij toegezonden door dhr. Wijnands te Wormer. Door deze aantekeningen te gebruiken konden we onze stamreeks met enkele generaties opvoeren.
  In de periode die volgde werd geprobeerd de bronnen te achterhalen en een groot aantal notariële akten ontkwam niet aan een nauwkeurige inspectie. De meesten daarvan werden bij de notaris in Westzaan opgemaakt. Het feit dat het Gemeentearchief Zaanstad nu over alle tot voorheen in het Rijksarchief bewaarde notariële en rechterlijke archieven beschikt, althans betreffende de plaatsen in de Zaanstreek, maakt het onderzoek wel gemakkelijker. Koog aan de Zaan is per fiets immers slechts 65 minuten ver! De reis per fiets, trein en bus naar het Rijksarchief duurt langer!
  Uit de aantekeningen was gebleken dat er ook in Nieuwe-Niedorp, Graft en De Rijp het een en ander te vinden moest zijn. Maar in zoeken gaat veel tijd zitten, zeker als je niet precies weet waar je moet zoeken! En met dat probleem kampen meerdere genealogen.
  Op 25 oktober 1990 kwam er een brief van dhr. Staphorst te Almere, met een stamreeks Stolp. Ook hij wilde graag de bronnen weten. Het lag echter wel wat moeilijk, omdat deze nog niet allemaal bekend waren, maar we spraken af dat we daar op de contactavond van afd. Zaanstreek-Waterland in december te Purmerend verder over zouden praten.
  Helaas stormde het op 12 december. De Purmerenderweg is dan een gevaarlijke weg en dan kun je beter geen onnodig risico nemen. De zaak werd de volgende dag dus telefonisch besproken.
  In verband met de voorbereidingen voor het elders in dit blad vermelde boek stuurde dhr. A. de Ridder op 25 januari zijn stamreeks Stolp, met daarbij een kort verslag van de lezing van de heer Aten, gehouden op maandagavond 27 april 1970. Een stukje daaruit:

" De familie Stolp, die spreker deze avond behandelt is die, welke afstamt van Jan Janse Stolp, die in het begin van de 17e eeuw voorkomt in Nieuwe Niedorp en die in 1617 is overleden.
  O.a. in Ursem en Beets komen families Stolp voor, die niet aantoonbaar familie zijn van het besproken geslacht.
  Aan de hand van allerlei archiefstukken heeft spreker een interessante geschiedenis van de familie Stolp kunnen samenstellen. Het voert te ver om meer te doen dan enkele grepen.
  Jan Janse Stolp, de vierde, werd een belangrijk man in De Rijp. Vrijwel alle belangrijke functies bekleedde hij eens. Als hij 65 jaar is koopt hij zich in voor de duur van zijn leven in een tehuis voor ƒ 1200,-. Naar achteraf blijkt is dat voor Jan een zeer voordelige zaak, want 24 jaar later blijkt hij nog te leven. Tenslotte verlaat hij, tegen de negentig, het tehuis nog, tegen een vaste periodieke betaling (!) en trekt dan bij een familielid in. "

Zouden de gegevens van dhr. Aten bewaard zijn gebleven? Zo ja, waar zouden ze dan te vinden zijn? Het telefoonboek biedt in zo'n geval uitkomst. Al na een paar korte gesprekjes met dragers van de naam Aten kwam de gouden tip. Eind januari ontving ik van dhr. N. Aten (de kleinzoon) een brief met een kopie van het dossier Stolp, inclusief de bronvermeldingen.
  Jammer genoeg kunnen vele notariële akten niet gefotokopieerd worden, omdat de boeken te dik zijn. Je moet er dan een uittreksel van maken of de akte volledig overschrijven.

" Willem Jongewaart, wonende te Westzaan, eertijts getrout zijnde met Jannetje Aris Oomes. Zij had, staande haar huwelijk, een heel swaar accident becoomen, waartoe is gebruijkt Mr. Jan Stolp, woonende mede tot Westsanen (bijna tot aan haar dood toe).
  ... dat Mr. Jan Stolp met den requirant (overt voorscreve meesterloon) redeneerde en in discours daarover waren dat den Req. ondeling seggende of vragende aan gemelte Stolp hoeveel gelt moetie dan wel hebben, waarop dat Jan Stolp ten antwoort gaff aan Willem Jongewaart: ik moet van jouw geen duijt daarvoor hebben, het is Uw geschonken.
  Aris Jansz. Oomes, den req. geweesenen vrouws vader. "

Omdat deze akte voor het verdere onderzoek niet van belang leek, is er slechts een kort uittreksel van gemaakt.
  Aangezien er op het notarieel archief van Graft en De Rijp geen kaartsysteem is lukte het aanvankelijk niet om het testament van Aef Heynis te vinden. Het enige houvast was de volgende vermelding in de korte aantekeningen van dhr. Aten:

" Bij testament van 8 april 1662 had zij bepaald dat haar boedel onverdeeld moest blijven: tot haar jongste kind 18 jaar zou zijn geworden. Deze boedel werd niet onbelangrijk door het kinderloos overlijden van haar zuster Trijn Heynis, enz. "

Ze had zich gevestigd aan het Noordeinde van Graft als vroedvrouw. Ze stierf in oktober 1662 en werd in de kerk begraven.

Naast de in het blad opgenomen fotokopie van blad 1 van een notariële akte (N.A. 5430, Westzaan, nr. 178, d.d. 2-6-1707, Hemelvaartsdag) staat het volgende vermeld:

Testament van Sr. Jan Jansz. Stolp, chirurgijn, ende d'Eerbare Neeltje Claas Swaan. Neeltje, na de geboorte van haar op 22 mei gedoopte zoon Claas "swackelijck in het kraambedde ter neder leggende" was wel in staat om op de zesde bladzijde zelf haar handtekening te plaatsen.
  Het eerste kindje leefde overigens niet lang, want op 12 april 1711 werd opnieuw een Claas gedoopt. (zie: Gens Nostra 1985, p. 403.)

(maart 1991)


De zaak Stolp, de oudste generaties

Zoals U in Schakel nr. 1 van dit jaar heeft kunnen lezen bestaat er een dossier met gegevens over het geslacht Stolp. Dit dossier werd aangelegd door dhr. J. Aten en is nu in bezit van zijn kleinzoon. Deze stuurde ons een fotokopie van een gedeelte van dat dossier, met name betrekking hebbende op de oudste generaties (met bronvermelding).
  Dhr. J. Aten overleed op 27 juni 1979. Hij was een van de vele afstammelingen van het geslacht Stolp. Tot het uitgeven van een boek of het publiceren van een uitgebreid artikel over dit geslacht is het nooit gekomen, zoals zijn kleinzoon schreef in zijn brief van 28 januari j.l. Hoe het ook zij, dankzij hem is het voor ons nu gemakkelijker om meer over het leven van onze voorouders te weten te komen!
  Nu het Project Gemeenschappelijke Afstamming is afgerond is er weer tijd beschikbaar voor o.a. het bezoeken van het Rijksarchief in Haarlem, want dat is de plaats waar de diverse akten uit Nieuwe Niedorp zich bevinden. Transcripties uit het O.R.A. zullen worden gemaakt, zoals dhr. Aten ook gedaan heeft en als de dikte van de boeken het toelaat gaan fotokopieëën mee naar huis om ze daar in alle rust te "vertalen". Het een en ander zal niet geschieden om te controleren of de in het dossier vermelde gegevens wel juist zijn, hetgeen ongetwijfeld het geval is, maar omdat het een gevoel van bevrediging geeft als je zèlf de oude geschriften onder ogen hebt gehad.

(juni 1991)


De zaak Stolp, vervolg stamreeks

De stamreeks wordt voortgezet met:
  • Jan Jansz. Stolp (V), aanvankelijk wonende te Nieuwe Niedorp. Zijn laatste woonplaats was Hoorn. Hij overleed na 31 mei 1655 te Oost-Indië (of tijdens de reis daar naar toe).
    Uit zijn huwelijk met Aef Heynis werden drie kinderen geboren: Guurtje, Cornelis en Jan (deze volgt onder VI).
    Aef Heynis, die na het vertrek van haar man alleen met haar drie kinderen achterbleef, vestigde zich later aan het Noordeinde van Graft als vroedvrouw. Dan volgt:
  • Jan Jansz. (Johannes) Stolp (VI), geboren omstreeks 1654, overl. Hoorn, begr. ald. 7-7-1737 (Grote Kerk).
    Mr. Jan Stolp was chirurgijn te De Rijp. Hij trouwde driemaal.
    Uit zijn eerste huwelijk (met Hilgond Jans Binnenblijf) werd in 1678 geboren:
  • Jan Jansz. Stolp (VII). Met hem en zijn echtgenote Neeltje Claas Zwaan beginnen de afstammingsreeksen STOLP in het boek Gemeenschappelijke Afstamming (reeksen nrs. 137 tlm 143).


Enige notariële akten

N.A. 2090 (Hoorn), d.d. 4-9-1643.
Op huijden den 4 september 1643 compareerden Claes Jansz., .. alhier tot Hoorn oudt ontrent 26, ende Jacob Jansz. won. tot Hoochtwout oudt ontrent 28 jaeren, bootgesellen, rechtelijk verdaecht zijnde omme der waerheijt getuigenisse te geven ter instantie ende rechtel. versoecke van Jan Jacobsz., waert in de Slange alhier ter stede hebben dienvolgens bij waere woorden in plaetse van eede getuijcht, verclaert ende gedeposeert gelijck sij doen bij desen hoe waer ende warachtich is, dat omtrent april voorleden ten huijse van de voors. requirant Dirk Wils is gecomen een Jan Tijsz. Basque ende dat d'voors. req. swaricheijt maecte om 't selve Basque soo veel te tappen ende borgen.
  Dat oock mede daernae present is gecomen Jan Jansz. Stolp ende Cornelis Cornelisz. Avenhorn, dewelcke tegens den requirant seijden dat hij d'voors. Basque vrij tappen soude, ende geen sorge voor sijn gelt soude hebben, als d'selve Basque maer met haer schip uijt voere, daerop d'voors. requirant t'selve accepteerde ende daermede tevreden was.
  Verclaerden verders dat Claes Claesz. de Boer (bijna niet te lezen) enz.

N.A. 2093, d.d. 25-10-1654.
Op huijden den 25 october Ao 1654 compareerden voor mij Cornelis Masier, notaris enz. tot Hoorn residerende d'eersame Pieter Wiggertsz. van Westerblokker ten eenre ende Mr. Jan Jansz. Stolp, wonende tot Hoorn ter andere zijde, enz. Akte gaat over het schip genaemt de Hoop, daer schipper op is geweest IJsbrant Heijnsz. van Oosterblokker, nopende het proces ofte questie wegens de overseijlinge voor de Hoge Rade in Hollandt enz. Alle welcke lasten ende schaden d'voorsz. Mr. Jan Jansz. Stolp voor het 1/32 in plaetse van voorn. Pieter Wiggertsz. t'sijne laste heeft genomen mits dat Pieter Wiggertsz. aen hem Jan Stolp sal betaelen eene somme van tweehondert negen ende vijftich gulden thien stuijvers enz."

N.A. 2093, d.d. 21-5-1655.
d'eersame mr. Jan Stolp, wonende alhier tot Hoorn, mij notaris wel bekent, jegenwoordich sullende vaeren naer Oostindien mettet schip genaemt Westvrieslandt, dewelcke verclaerde in der bester forme ende maniere hem doenlijck sijnde geconstitueert ende machtich gemaect te hebben als hij doet bij desen sijne huijsvrouwe Aeffje Heijnes, omme geduijrende sijne voorgenomen voijagie alle de uijtstaende penn(ingen) inne te vorderen ende ontfangen, enz.

(september 1991)


|Inhoudsopgave| |Startpagina|